Mapping the Via Appia/Art

Mapping the Via Appia/Art is an ongoing photo project from artist/researcher Krien Clevis (PhD), part of the multi-disciplinary research project ‘Mapping the Via Appia’. Clevis’ contribution to the project is devoted to this unique historical ‘avenue of memories’, which over the centuries has been subject to constant change. She studies the different perspectives on this street, ranging from its protection to its opening-up. She is not just concerned with how the gems of the remaining famous tombs are located along this memory avenue, which changes into a busy highway, but also with how the relics of this avenue are incorporated into the contemporary urban infrastructure and the natural environment and how they are subject to diverse forms of contemporary use. This weblog concerns the first part of her investigation and concentrates on the Via Appia Antica Miglio I to XI.

Miglio I – XI: From Rome to Frattocchie

The following description was based on a one-day hike from Rome to Frattocchie, on November 3, 2013. The KNIR served as starting-point of the 11-mile hike.

Map, detail from: G.. Ametti, Il Lazio con le sue più cospicue strade antiche e moderne e principali Casali, e Tenute di esso, particulare, 1693. In: Andrea Zocchi, Via Appia. CInque secoli di immagini, L'Erma di Bretschneider, 2009


De Via Appia Antica is tot en met Mijl XI (de antieke standplaats Bovillae, het huidige Frattocchie) nog geheel begaanbaar. Het huidige Parco Regionale dell ’Appia Antica is in de eerste mijlen (en vooral op zondag) een geliefde uitlaatroute voor wandelaars, renners en fietsers. Vanaf de Grand Raccorde Annulare (GRA) – die het lintpark in de zevende mijl ondergronds doorkruist – verandert dat beeld geleidelijk in meer vergankelijk oord met verlaten tombes en hier en daar een verdwaalde fietser of een enkele zwerver. De laatste twee mijl zijn ruraal gebied, niet gemusealiseerd, en hoewel onderdeel van het park, in de praktijk nauwelijks toegankelijk. Ogenschijnlijk ademen deze twee mijl nog het meest de romantische blik van de Via Appia Antica. Echter door het toenemend aantal boerenschuren en loodsen, caravanopslagplaatsen, sportvelden, etc. aan weerszijden van de 10de en 11de mijl, dringt zich ook het nieuwe gebruik op van de omgeving en infrastructuur, die de antieke straat als een dunne naald doet eindigen in een knooppunt van wegen. Hier kruist de Via Appia Nuova de Via Appia Antica en versmelt zij tot een snelweg, die de antieke weg op diverse plekken in Lazio, Campania, Basilicata en Puglia overschrijft. De plaatselijke bevolking laat hier haar honden uit; het is de achtertuin van Rome, ver weg van het centrum.

Op markante punten, waar historie en hedendaags gebruik samenkomen heb ik de Via Appia Antica in de eerste elf mijl nader onderzocht. Het gaat mij daarbij niet alleen om hoe de pareltjes van resterende beroemde graftomben gelegen zijn aan de herinneringsstraat, die overgaat in een drukke verkeersroute, maar ook hoe de relikwieën van deze herinneringsstraat zijn geïncorporeerd in de hedendaagse stedelijke en landschappelijke infrastructuur en onderhevig zijn aan verschillend hedendaags gebruik. Aan de hand van een beeld- en onderzoekverslag, heb ik de veranderende straat als groene long in haar stedelijke en landschappelijke context (van Rome tot Frattocchie in de volle lengte en breedte van de eerste 11 mijl) in kaart gebracht. Daarbij heb ik mij in mijn fotografie laten leiden door vragen als: waar en hoe worden de historische plaatsen opnieuw in gebruik genomen (door bewoners, gebruikers, boeren, toeristen, etc.), waar ligt de kwaliteit van de bewaarde of overschreven plekken en hoe draagt dit bij aan de valorisatie van de specifieke plaats?

English

It is still possible to travel the Via Appia Antica as far as Mile XI (at Bovillae in antiquity, today called Frattocchie). The last two miles go through a rural area, which does not look especially well-looked-after, and although part of the park, in practice hardly accessible. Afterwards, the Via Appia Nuova crosses the Via Appia Antica and changes into a highway, which overwrites the ancient road in various locations in Lazio, Campania, Basilicata and Puglia. I explored the first eleven miles of the Via Appia Antica more closely in striking spots where the past and specific uses in the present come together. I am not just concerned with how the gems of the remaining famous tombs are located along this memory avenue, which changes into a busy traffic route, but also with how the relics of this avenue are incorporated into the contemporary urban infrastructure and the natural environment and how they are subject to diverse forms of contemporary use. Based on a visual and investigative report, I have mapped the changing avenue as a green lung in its urban and spatial context (from Rome to Frattocchie, covering the full length and width of the first 11 miles). My effort was guided by such questions as: where and how do people today (residents, farmers, tourists, etc.) make use of the historical places? What reflects the particular quality of the preserved or overwritten places? And how does this contribute to the value or appreciation of a specific place?


Echo van de Eeuwigheid / Echoes of Eternity

Photo gallery Krien Clevis on the occasion of a one-day hike from Rome to Frattocchie, November 3, 2013.

  • 1

Met een toepasselijke serenade, door Benjamin Britten geschreven voor Allerzielen, word ik op die zondag ochtend in november ingewijd in de tocht naar het dodenrijk.1 De dodenwake was er voor de rouwenden, die bij de doden waakten, in de eerste uren nadat de dood was ingetreden, tot de definitieve tocht naar de laatste rustplaats op aarde. Tegelijkertijd was de dodenwake voor de overledenen een reis van de ziel naar het vagevuur, een overgangsritueel, een ‘rite de passage’ naar hun definitieve bestemming in het eeuwige rijk, het hiernamaals. Op die zondag 3 november reis ik met mijn fotocamera de Via Appia Antica af. Hoeveel zielen rusten hier niet onder de metershoge tombes, in verborgen colombaria, onder vervallen gesteente, een laatste halve epitaaf, afgekalfde grond. Zij hebben de overtocht al lang geleden gemaakt. Het transitieproces laat zich hier slechts lezen in het hedendaags gebruik en verval.

Rome is één grote sportstad geworden, zeker op zon- en feestdagen. Overal in de stad duiken die dag renners op, naar het lijkt met slechts één doel, uitgetekend op het kaartje dat ze stevig in hun hand vastklemmen: het eindpunt dat beloond wordt met een medaille. Verhit jagen ze hun eindbestemming na, niet wetende welke weg ze aflopen, waar ze naar toe gaan, als ze het doel maar halen. Zelfs op de Via Appia kom ik ze nog tegen.

De Via Appia Antica is het lintpark voor sportfanaten geworden. Wandelaars, hardlopers, maar vooral mountainbikers, uitgerust met helm en pakje, racen over de uitgeholde zijpaden van de ‘eeuwige straat’, op de uitlopers van de tumuli. Over de weg zelf, grotendeels bekleed met klinkers en gedeeltelijk geplaveid met de antieke kasseien, fietst bijna niemand, die is veel te hobbelig. De zandpaadjes over de tumuli, een verkozen, geaccidenteerd verzet, zijn de racebanen naar het te bereiken doel van de dag, maar welk doel eigenlijk? Waar ligt de transitie? Waar ligt de mijmering van de overgang naar de andere wereld? Wie realiseert zich dat deze straat, slechts een fragment ervan hier in de eerste mijlen na Rome, er een is van herinnering en representatie? Een enkele fietser die zijn fiets te ruste legt tegen een grafmonument?

 

Krien Clevis/03.11.2013

 

1.Echo van de Eeuwigheid is een door Antoine Bodar gepresenteerd muziekprogramma op Radio 4. Benjamin Britten (1913-1976) schreef zijn Serenade for Tenor, Horn and Strings speciaal voor Allerzielen (1943). Serenade for Tenor, Horn and Strings, Op.31 - Dirge Spence Tobey & Owen, Martin & Scottish Ensemble Gould, Clio Linn Records CKD 226.

Achtergrond / Background

De Via Appia Antica (ss7) was en is bij uitstek de ‘Levende Dodenstraat’, de straat waar de doden in tomben huisden, maar ook waar levenden zich vestigen, allen om dezelfde redenen: representatie. Als in één groot lintdorp vestigden zich hier vanaf de eerste eeuwen v. Chr. tot de eerste eeuwen na Chr. belangrijke families in villa’s en landgoederen, maar moesten ook tombes van aanzienlijke lieden de aandacht van de voorbijgangers, reizigers van Rome naar Brindisi trekken. Zo was de Via Appia villawijk en graftuin tegelijkertijd. De Via Appia is door de eeuwen heen de handels- en communicatieroute naar het oosten geweest en het visitekaartje voor La Città Eterna. Ook in de perceptie van de geromantiseerde blik, ontwikkeld in de eeuwen daarna en gekleurd door het hergebruik en verval van de vele grafmonumenten, is het archeologische park nog steeds het Arcadië voor de levenden en de doden.

De Via Appia vormde vanaf de 16de tot begin 19de eeuw het sluitstuk van de beroemde Grand Tour, een reis die aanvankelijk op initiatief van welgestelde Engelse lieden werd voorbehouden aan jongelingen die met een ‘interrail’ avant la lettre, een ‘rite de passage’ ondergingen door langdurig en intensief kennis te nemen van de bakermat van de Europese kunst en cultuur. In de 17de en 18de eeuw – toen Italië inmiddels was uitgegroeid tot een smeltkroes van kennisdomeinen – werd de Via Appia bestemming vooral populair onder kunstenaars en wetenschapsbeoefenaars en reisden kunstenaars in het gezelschap van architecten en archeologen naar Rome om de herontdekte monumenten, de staat van de Via Appia, of gedeeltelijke reconstructies in kaart te brengen en te verbeelden. (Zoals Claude Lorrain (1600-1682), Angelica Kaufmann (1741-1807), Carlo Labruzzi (1748-1817), Johann Wolfgang von Goethe (1749-1832), Sir John Soane (1753-1837), Giovanni Battista Piranesi (1770-1778), William Turner (1775-1851), John Constable (1776-1837), Percey Bysshe Shelley (1792-1822), John Keats (1795-1821), maar ook de archeoloog en verdienstelijk fotograaf Thomas Ashby (1874-1931) en latere fotografen, die weer in zijn voetsporen traden). Welke plekken en waarom werden destijds in beeld gebracht, welke plekken zijn nu relevant en hoe gaat een kunstenaar anno nu met die plaatsen van betekenis om? Deze vragen vormden leidraad voor mijn onderzoek en fotografie.

De Via Appia is een plaats die geheel gecreëerd is naar de wensen van haar gebruikers en waar de idealen van het leven gerepresenteerd werden in woon- en grafhuizen. Het gebied representeert tot op de dag van vandaag het lokale (door bewoners, bezoekers en recreanten), het nationale (de Via Appia als nationaal monument) en het internationale gebruik (gezien vanuit het romantisch perspectief van de reiziger vanaf de 17de/18de eeuw tot en met de hedendaagse toerist). Deze drie gebruiken of percepties wrikken op bepaalde punten met elkaar. Zo is de gemiddelde mountainbiker die over de afgekalfde tumuli fietst zich niet bepaald bewust van de onschatbare waarde van de monumenten – die inmiddels ook tot nationaal erfgoed zijn verklaard – en staat de vraag om conservering en protectie van het gebied soms in schril contrast met dat van hergebruik, ontwikkeling en ontsluiting. Het is niet zo vanzelfsprekend dat plaats en herinnering hier op een natuurlijke wijze bij elkaar komen, het is eerder een plaats in continue beweging en ontwikkeling naar de noden en gebruiken van de tijd.

Dat maakt voor mij als kunstenaar/onderzoeker de Via Appia zo interessant. Achter de coulissen van de eeuwige monumenten speelt zich paradoxalerwijs een proces van verandering af. Plaatsen van betekenis bestaan niet als statisch gegeven, maar krijgen pas betekenis wanneer ze voortdurend overschreven worden. In dit onderzoek heb ik mij geconcentreerd op de vraag hoe dat nu zit met de Via Appia Antica, de weg die als groene long door de zuidelijke stadscontreien van Rome en verder trekt. De verschillende perspectieven tussen protectie en ontsluiting heb ik willen onderzoeken en in beeld gebracht. Deze paradox, de representatie van de plaats en wat die losmaakt bij het publiek, is kenmerkend voor mijn werk en promotieonderzoek, waaraan ik een vervolg wil geven op deze bijzondere locatie. Ik zie mij als een hedendaagse pionier die het romantische idee van de Grand Tour nieuw leven inblaast. Een kunstenaar die meereist met archeologen, onderzoekers, maar die vanuit haar eigen artistieke onderzoeksvisie en ideeontwikkeling een ander licht laat schijnen op het wetenschappelijk onderzoek.

 

Krien Clevis/28.02.2015

 

Krien Clevis is gepromoveerd als eerste beeldend kunstenaar in Nederland aan de Universiteit Leiden (17 oktober 2013 ). Zij schreef het boek LOCVS. Herinnering en vergankelijkheid in de verbeelding van plaats. Van Italische domus naar artistiek environment; een studie over plaats in relatie tot herinnering en vergankelijkheid, en maakte de daarbij horende expositie The Once and Future House (in de Oude UB te Leiden), een intrigerende descriptieve en artistieke combinatie van wetenschap en kunst.

Met dank aan de KLM en het KNIR




© Krien Clevis
Website: Maarten Davidse